Deze week hebben zowel de Chinese als de Amerikaanse ambassadeur in Nederland zich uitgesproken over de mogelijke export van geavanceerde chipmachines door ASML. Deze openlijke druk roept de vraag op in hoeverre bedrijven uit de Nederlandse en Europese maakindustrie last hebben van de technologierace tussen de Verenigde Staten en China. Volgens CDA-Europarlementariër Tom Berendsen past een lijdzame positie niet bij een economische grootheid als de Europese Unie. Hij vraagt de Europese Commissie dan ook om actie.

Berendsen: “Europa moet in actie komen om situaties zoals bij ASML te voorkomen. Het kan niet zo zijn dat Europese bedrijven steeds vaker klem komen te zitten door spanningen tussen de VS en China. Onze bedrijven moeten hun technologische voorsprong kunnen benutten door hun oplossingen te exporteren naar het buitenland. Dit is goed voor de economie en onze werkgelegenheid. Maar om onze bedrijven te beschermen, moet het Europese blok ook een vuist kunnen maken als dat nodig is. Lidstaten kunnen in individuele gevallen minder tegendruk bieden tegen de twee grootmachten, daarom moeten we als Europese landen vaker één lijn trekken. Als we met een Europees antwoord komen op politieke druk van buitenaf, voorkomen we dat onze bedrijven een speelbal van de VS of China worden. De aangekondigde industriestrategie is een eerste stap, maar we moeten zorgen dat deze wel tot concrete maatregelen zal leiden.”

Als onderhandelaar op het aangekondigde industriebeleid van de Europese Commissie kijkt Berendsen scherp naar de economische en technologische kansen: “Streven naar meer technologische onafhankelijkheid levert banen en oplossingen op voor de grote maatschappelijke vraagstukken. Bovendien vragen we de komende tijd veel van onze bedrijven in de energietransitie. Het is daarom nodig dat Europees industriebeleid ook kijkt naar het beschermen en versterken van onze technologische sectoren, zodat Europa voorop kan blijven lopen in de energietransitie, digitalisering en de modernisering van onze economie.”